Edwim Peters

Interview met Edwim Peters:
Papier vouwen, een exotische liefhebberij

Edwim Peters bracht mij ooit tijdens ons gezamenlijk theaterverleden voor het eerst in contact met origami. Nu, ruim 10 jaar later, komen we nog steeds maandelijks bij elkaar op de Klarendalseweg om een modelletje te vouwen. Een interview met de kunstenaar en theatermaker over origami in de jaren ’80 en de attractie van origami, dat hij consequent ‘papier vouwen’ noemt.

Edwim Peters

Jouw ‘origami-historie’ is veel langer dan die van mij. Hoe ben je eigenlijk  in origami geïnteresseerd geraakt?
Ik ben voor het eerst met papier vouwen in aanraking gekomen op de lagere school. De vijfde klas. Een juf leerde me een papegaai vouwen. Nieuwsgierig zocht ik naar boeken over vouwen, maar er was niet zoveel te vinden rond 1975. Behalve dan ‘Het Grote Vouwboek’ de klassieker van Aart van Breda. Eigenlijk best een goed boek met eenvoudige modellen. Maar ook het enige boek dat voor handen was.

Totdat een oom het geweldige ‘Secrets Of Origami’ van Robert Harbin aan me uitleende. Een in mijn beleving exotisch boek!
'Retro' origami boekenEr bleek zowaar een hele vouwwereld te bestaan. Een wereld die Origami heette. Met indrukwekkende termen als: valley- en mountain fold, rabbit-ear, (double)bird-base, waterbomb-base, outside reverse fold etc.. etc…
Achterin het boek stond weer een boekenlijst met nog meer exotische titels. En zowaar: “Het Grote Vouwboek / Paperfolding and Modelling” van Aart van Breda stond er ook tussen.
Secrets Of Origami’ bevat modellen van o.a. Fred Rohm, Neal Elias, Samuel Randlett en Robert Harbin. Ik heb er vele uren mee doorgebracht. En nog steeds is ‘Secrets‘ één van mijn favoriete vouwboek.De ontwerpers die in ‘Secret of Origami’ voorkomen, spreken me nog steeds bijzonder aan: Fred Rohm, Neal Elias, Samuel Randlett enz. Hoewel ik dus wel moet zeggen dat ik er een beetje uit ben. Een ander boek dat ik rond die tijd heb gevonden en me zeer dierbaar is, is: ‘Folding Faces‘ van Erik Kenneway. Ik hoor mijn broer nog zeggen: “Vouw Hitler nog ‘ns een keertje.” Haha!

Er was nog geen internet. Hoe kwam je aan je boeken?
M’n kleine collectie vouwboeken heb ik voornamelijk tijdens vakanties in Engeland gekocht en later besteld via de B.N.O.S., de Belgisch Nederlandse Origami Sociëteit.

Ging je ook naar origami conventies?
In 1983 heb ik de Spring Convention bezocht. Een door de British Origami Society georganiseerde internationale bijeenkomst in Keble College in Oxford. Ook alweer zo’n exotische belevenis. Ineens ben je een weekend omringd door beroemde vouwers en ontwerpers.

Oxford spring convention april '83

En toen?
Een klein jaartje later is mijn interesse in papier vouwen geluwd. Het werd ineens een nationale hobby.Het leek wel of het een hobby werd speciaal voor huisvrouwen die alleen nog maar kaarten en knutsels voor in huis gingen maken. De lol was er een beetje af. En ik ging studeren…

Wat vind je (toch nog) leuk en interessant aan origami?
Het ‘eenvoudige’ karakter ervan! Met een stukje papier kan je een hele wereld creëren. Mijn voorkeur gaat uit naar modellen die niet ingewikkeld zijn maar die een maximale zeggingskracht hebben. Een mooie gestileerde ijsbeer (die iedereen ook als zodanig herkent) is volgens mij interessanter dan een hyperrealistische nabootsing van het origineel.
En je bent een beetje een goochelaar. Eerst is er een krant, folder, placemat, belastingformulier, proefwerkblaadje, etc. etc. en even later is er een olifant!

En ik vind het erg leuk dat jij, je sinds een jaar (of twee) zo op papier vouwen gestort hebt. Daardoor kom ik aanraking met deze voor mij vergeten wereld. Een wereld die blijkbaar niet heeft stilgestaan. En… het is net als fietsen… Gewoon weer gaan vouwen en je hebt zo weer de slag te pakken.

Je maakt tegenwoordig supermooie houtsneden. Is er een link tussen origami en je houtsneden? 
Nee… volgens mij niet…Misschien onderbewust. Misschien het ‘grafische’ karakter van origami modellen.
Voor mijn houtsneden, hoogdruk zwart-wit prenten, laat ik me inspireren door thema’s als ‘de stad’ , ‘theater’, maar ook Japanse Houtsneden. het is een mooie karaktervolle, grafische techniek. En -net als papier vouwen- relatief eenvoudig. Je hebt eigenlijk niet meer nodig dan een houten plank, gutsjes, inkt en inktroller, papier en een lepel.

Houtsnedes Edwim Peters

Meer houtsneden zien en meer lezen (en luisteren) over Edwims theaterwerk? Klik hier.

PS: Sta je misschien zelf op de foto uit Oxford 1983? Stuur ff een berichtje, leuk!

Reacties (2)

Laat een bericht achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.